Veel kleine bloedingen in hersenen van ouderen
Bij zestigplussers komen drie tot vier keer vaker minuscule bloedinkjes in de
hersenen voor dan tot nu toe werd aangenomen. Dat blijkt uit onderzoek onder
ruim duizend ouderen door het Erasmus MC.
Het onderzoek, de zogenoemde Rotterdam Scan Studie -onderdeel van een langlopend
bevolkingsonderzoek onder ruim 10.000 45-plussers in de Rotterdamse wijk Ommoord
(ERGO)- werd vorige week (08-04-2008) gepubliceerd in het internationale medische vaktijdschrift Neurology.
Arts-onderzoeker Meike Vernooij: „In de Rotterdam Scan Studie, die nu in de
huidige versie alweer 2,5 jaar loopt, hebben we bij ruim 3000 ouderen een eerste
hersenscan gemaakt. Doel ervan is structurele afwijkingen in de hersenen bij
ouderen op te sporen en oorzaken en gevolgen hiervan te bestuderen. Een van de
afwijkingen die we gevonden hebben zijn minuscule bloedingen in de hersenen.”
In het onderzoek dat is gepubliceerd zijn 1062 mensen opgenomen van gemiddeld 70
jaar. Altijd is aangenomen dat minuscule bloedinkjes in de hersenen bij ongeveer
5 procent van de bevolking voorkomen. Uit het onderzoek blijkt nu dat het bij
ruim 20 procent van de onderzochte bevolkingsgroep voorkomt: 18 procent bij
mensen van 60-69 jaar tot 38 procent bij personen van 80 jaar en ouder.
Deze hele kleine bloedinkjes lijken te wijzen op piepkleine beschadigingen van
de bloedvaten in de hersenen. De restanten van de bloedinkjes kunnen zichtbaar
gemaakt worden met nieuwe beeldvormende technieken, zoals MRI-scanners. De
beschadigingen die gezien worden, bestaan uit geringe ijzerafzettingen,
afkomstig uit de rode bloedcellen die waarschijnlijk zijn gelekt uit de kleine
bloedvaatjes in de hersenen.
(Scan van microbloedingen in de hersenen.)
Volgens arts-onderzoeker Vernooij hebben de ouderen daar zeer waarschijnlijk
zelf niets van gemerkt. „Het zijn zogenoemde „stille” incidenten, zoals die ook
voorkomen bij mensen waarbij achteraf wordt vastgesteld dat ze een klein
hartinfarct hebben doorgemaakt zonder dat ze echt klachten hebben gehad. Omdat
er op dit moment geen behandeling voor deze kleine bloedinkjes is en de gevolgen
ervan ook nog niet duidelijk zijn, worden de deelnemers aan het onderzoek hier
niet mee geconfronteerd.”
TIA’s
De in het onderzoek geconstateerde afwijkingen hebben geen enkel verband met
zogenoemde transient ischaemic attacks (TIA’s), die ontstaan door kortdurende
onderbrekingen van de bloedstroom in de hersenvaten als gevolg van een stolsel.
Daardoor ontstaat een kortdurend zuurstoftekort in een klein deel van de
hersenen. „Een TIA geeft in de meeste gevallen klachten in de vorm van
uitvalsverschijnselen die weer verdwijnen”, zegt Vernooij.
De in de Rotterdam Scan Studie gevonden microbloedingen in de hersenen kunnen
mogelijk in verband worden gebracht met een verhoogd risico op
hersenaandoeningen. Personen met een bepaalde genafwijking, die zorgt voor een
verhoogd risico op het ontstaan van alzheimer, hadden een aantoonbaar groter
aantal microbloedingen dan personen zonder deze genvariant, zo blijkt uit het
onderzoek.
Verder blijkt ook de plek van de beschadiging samen te hangen met specifieke
risicofactoren voor het ontstaan ervan. Beschadigingen als gevolg van roken of
hoge bloeddruk komen op een andere plek in de hersenen voor dan de
beschadigingen als gevolg van de genvariant die zorgt voor een verhoogd risico
op alzheimer.
Het is uit ander onderzoek bekend dat onder mensen die een beroerte hebben
doorgemaakt, de kans op een nieuwe beroerte groter is als er ook zulke kleine
bloedingen in de hersenen te zien zijn. Vandaar dat het opsporen van
microbloedingen in een vroeg stadium bij ouderen mogelijk kan bijdragen om erger
te voorkomen.
bron: http://www.refdag.nl
Copyright © Stichting Epilepsie Netwerk