Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling
1 tablet Frisium 10 bevat als werkzaam bestanddeel 10 mg clobazam 1 tablet
Frisium 20 bevat als werkzaam bestanddeel 20 mg clobazam.
Therapeutische indicaties
Pathologische angst en spanningstoestanden. Als adjuvant-therapie bij
epileptische aanvallen, wanneer de patiënt met andere anti-epileptica alleen
niet voldoende kan worden gestabiliseerd.
Dosering en wijze van toediening
Bij pathologische angst en spanningstoestanden: Gebruikelijke dosering bij
volwassenen: 20-30 mg per dag, verdeeld over 2-3 doseringen; Een totale dagdosis
tot 20 mg kan als één enkele gift worden toegediend, bij voorkeur in de
avonduren. De maximale dosering voor psychiatrische patiënten is 60 mg/dag.
Deze dosering dient niet te worden overschreden.
De aanvangsdosering dient laag te zijn (5-15
mg/dag). Deze dosering kan, indien nodig, langzaam worden verhoogd. De maximale
dosering van 80 mg/dag dient niet te worden overschreden. Dagelijkse dosis (b.v.
20 mg/dag), alsmede intermitterende therapie met Frisium zijn mogelijk. Bij
bejaarden en bij patiënten met gestoorde nier- of leverfunctie dient de
dosering te worden gereduceerd tot de minimaal werkzame. In verband met de lange
halfwaardetijd is het mogelijk dat cumulatie optreedt bij dagelijks gebruik van
clobazam. Tevens dient men erop bedacht te zijn dat, na stopzetten van het
gebruik van Frisium, het effect van de stof nog enige dagen merkbaar kan zijn.
Bij verbetering van de klachten kan de dosis gereduceerd worden. Na langdurig
gebruik mag de behandeling niet abrupt worden afgebroken, maar dient ze
uitsluipend te worden beëindigd, ter voorkoming van verschijnselen van onrust,
angst en slapeloosheid.
Contra-indicaties:
Overgevoeligheid
voor clobazam.
Speciale waarschuwingen en bijzondere
voorzorgen bij gebruik
Voor alle benzodiazepinen geldt: Paradoxale reacties zoals onrust, opwinding,
prikkelbaarheid, woede-aanvallen, hallucinaties komen bij kinderen en oudere
patiënten vaker voor. Ouderen en patiënten met een lever- of
nierfunctiestoornis dienen te worden behandeld met een lagere dan de
gebruikelijke dosering. Dezelfde voorzorg geldt voor patiënten met een
chronische respiratoire insufficiëntie met hypercapnie wegens de kans op
ademhalingsdepressie, vooral 's nachts. Chronisch gebruik van benzodiazepinen
kan aanleiding geven tot het ontstaan van fysieke en psychische afhankelijkheid.
Hierom dient de behandeling als anxiolyticum te worden beperkt tot ten hoogste
enkele maanden. Na het ontstaan van fysieke afhankelijkheid gaat het staken van
de behandeling gepaard met het optreden van onthoudingsverschijnselen. Deze
kunnen bestaan uit: hoofd- en spierpijn, extreme angst en spanning,
slaapstoornissen, rusteloosheid, verwardheid en geïrriteerdheid. In ernstige
gevallen doen zich de volgende symptomen voor: depersonalisatie, derealisatie,
hyperacusis, doof gevoel en tintelingen in de ledematen, overgevoeligheid voor
licht, geluid en aanraking, hallucinaties en epileptische aanvallen. Aangezien
de kans op onthoudingsverschijnselen groter is na abrupt staken van de
behandeling en na langdurig gebruik van hoge doses is het aan te bevelen de
behandeling uitsluipend te beëindigen, afhankelijk van de toegepaste dosering,
in de loop van enkele weken. Een eerste symptoom van het ontstaan van
afhankelijkheid, vooral bij slaapstoornissen, is het optreden van
"rebound"-verschijnselen, waarbij de symptomen die aanleiding hebben
gegeven tot de behandeling met een benzodiazepine in versterkte mate terugkeren.
De behandeling is dan niet te vroeg beëindigd. Het verdient ook in deze
situatie aanbeveling de dosering zo mogelijk uitsluipend te verlagen en na het
staken 10-14 dagen af te wachten voordat men beoordeelt of hervatting van de
behandeling noodzakelijk is. Het is belangrijk de patiënten op het optreden van
"rebound"-fenomen voor te bereiden om ongerustheid zoveel mogelijk te
voorkomen. Bij ernstig depressieve patiënten met latente depressie of suïcidale
neigingen, dienen de gebruikelijke voorzorgen te worden genomen. Benzodiazepinen
zijn niet effectief als enige behandeling bij het optreden van psychosen.
Zij dienen eveneens met de grootste
terughoudendheid te worden toegepast bij patiënten met alcohol- en/of
drugsmisbruik in de anamnese, in verband met het optreden of voortzetten van
lichamelijke afhankelijkheid. Indien Frisium langdurig gegeven wordt als
adjuvant therapie bij therapieresistente epileptische aanvallen, dient in het
geval dat wordt overwogen de therapie te staken, dit langzaam te gebeuren. Er
moet rekening worden gehouden met mogelijke onttrekkingsaanvallen en andere
onttrekkingsverschijnselen als boven beschreven. Tolerantie voor het
anti-epileptische effect van Frisium is waargenomen; verhoging van de dosering
of intermitterend doseren kan soms van nut zijn. Verhoging van de dosering kan
de incidentie van bijwerkingen verhogen. Bij langdurig gebruik dient de lever-
en de nierfunctie regelmatig te worden gecontroleerd.
Interacties met andere geneesmiddelen en
andere vormen van interactie
Potentiëring van de sedatieve werking in combinatie met alcohol en psychotrope
farmaca, zoals antipsychotica (neuroleptica), hypnotica, sedativa,
antidepressiva, narcotische analgetica, anti-epileptica en anaesthetica. Bij
narcotische analgetica kan echter ook een potentiëring van de euforie optreden,
die kan leiden tot versterking van de psychische afhankelijkheid. De werking van
clobazam, die voor metabolisering afhankelijk is van bepaalde leverenzymen, kan
worden versterkt door farmaca die deze enzymen remmen, zoals cimetidine en
hormonale anticonceptiva. Indien Frisium wordt gebruikt voor epilepsie, dient de
dosering onder nauwkeurig medische begeleiding (o.a. bloedspiegel bepalingen en
eventueel EEG) te worden vastgesteld, aangezien interactie met de andere
toegepaste anti-epileptica mogelijk is. Gelijktijdig gebruik van Frisium met
valproaat kan de bloedspiegels van valproaat doen toenemen. Indien mogelijk,
dienen bloedspiegels van de actieve substanties regelmatig te worden bepaald.
Gebruik bij zwangerschap en het geven van
borstvoeding
Over het gebruik van deze stof in de zwangerschap bij de mens bestaan
onvoldoende gegevens om de mogelijke schadelijkheid te beoordelen. Er zijn tot
dusver geen aanwijzingen voor schadelijkheid bij dierproeven. Frisium dient
slechts op stricte indicatie te worden gebruikt in de zwangerschap. De
toepassing van Frisium bij zwangeren met epilepsie is niet onderzocht. Deze patiënten
dienen Frisium derhalve niet te gebruiken gedurende zwangerschap. Op grond van
de farmacologische werking kunnen effecten (hypothermie, hypotonie en matige
ademhalingsdepressie) op het kind worden verwacht, waardoor toepassing tijdens
de baring slechts op strenge indicatie mag gebeuren. Frisium mag niet worden
voorgeschreven tijdens de lactatie, aangezien clobazam in de moedermelk
overgaat.
Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het
vermogen om machines te gebruiken
Afhankelijk van de dosering en de individuele gevoeligheid kan de
reactiesnelheid worden verlaagd. Personen die uit hoofde van hun functioneren
bij voortduring goed moeten kunnen waarnemen, waakzaam moeten zijn om de juiste
beslissingen te kunnen nemen en de beschikking moeten hebben over de volledige
motoriek van hun ledematen, moeten worden gewaarschuwd dat hun capaciteiten in
deze worden beïnvloed door sedatie, amnesie en spierverslapping. De actieve
deelname aan het verkeer alsmede de bediening van machines kan hierdoor worden
beïnvloed.
Bijwerkingen
Zoals bij alle benzodiazepinen zijn de volgende bijwerkingen mogelijk:
Slaperigheid, afvlakking van het gevoel, verminderde waakzaamheid, verwardheid,
vermoeidheid, droge mond, hoofdpijn, duizeligheid, spierzwakte, tremor (vingers)
en ataxie, dubbelzien. Deze verschijnselen doen zich vooral voor tijdens het
begin van de behandeling en verdwijnen doorgaans na voortgezet gebruik.
Anterograde amnesie kan optreden bij therapeutische doseringen en dit neemt toe
bij hogere doseringen. Andere bijwerkingen zijn: constipatie, opwekking van de
eetlust en gewichtstoename, misselijkheid, braken, slikstoornissen, diarree,
verminderde libido, huidreacties. Bij daarvoor gevoelige personen kan tijdens
benzodiazepine gebruik een onopgemerkte depressie duidelijk worden. Vooral bij
kinderen en oudere patiënten kunnen zich paradoxale reacties voordoen (zie
Waarschuwingen en voorzorgen). Chronisch gebruik (van vooral hoge doses) kan
aanleiding geven tot het ontstaan van fysieke afhankelijkheid; staken van de
behandeling kan dan tot onthoudingsverschijnselen en
"rebound"-fenomenen aanleiding geven (zie Waarschuwingen en
voorzorgen). Bij gebruik als adjuvant therapie bij epilepsie kan spierzwakte
optreden.
Overdosering
Hoewel een overdosis Frisium over het algemeen geen levensbedreiging zal vormen,
zal men steeds aan de mogelijkheid moeten denken dat er verscheidene agentia
zijn ingenomen, waaronder alcohol en barbituraten. De behandeling zal hierop
moeten worden afgestemd.De behandeling bij het optreden van coma is
hoofdzakelijk symptomatisch, waarbij complicaties zoals asfyxie door het
achteruitzakken van de tong of aspiratie van de maaginhoud dienen te worden
voorkomen. Intraveneuze vloeistoftoediening is nuttig om uitdroging te
vermijden. Vooral bij combinatie met andere sedativa is ondersteuning van vitale
functies, vooral van de ademhaling, van belang. Maagspoeling kort na ingestie is
zinvol, tenzij men zeker weet dat niet meer dan tienmaal de dagdosis is
ingenomen, waarna actieve kool in combinatie met een laxans kan worden gegeven.
Wanneer bekend is dat een zeer grote hoeveelheid is ingenomen kan dit ook na
lange tijd nog effect hebben. Geforceerde diurese of hemodialyse is van weinig
nut.
Farmacodynamische eigenschappen
Clobazam, het werkzame bestanddeel van Frisium, is een 1,5 benzodiazepine, dat
wordt gekenmerkt door zowel een anxiolytische werking als een anticonvulsieve
werking.
Farmacokinetische eigenschappen
Na orale toediening wordt clobazam voor tenminste 87% in de darm geabsorbeerd.
De maximale bloedspiegels worden bereikt 1-4 uur na innemen, onafhankelijk van
de toegediende dosis. De eliminatiehalfwaardetijd van het onveranderde clobazam
is na orale toediening ongeveer 18-30 uur. De halfwaardetijd van de
belangrijkste metaboliet, het N-desmethylclobazam is ongeveer 50 uur. De
evenwichtstoestand (steady state) van de serumconcentratie van onveranderd
clobazam, bij dagelijkse dosering van 2 x 10 mg clobazam wordt bereikt binnen
één week. Na 28 dagen bereikt de belangrijkste metaboliet een steady state
serumspiegel, die ongeveer acht keer zo hoog ligt als die van onveranderd
clobazam. Deze gegevens zijn verkregen bij monotherapie.
Houdbaarheid
De houdbaarheidsdatum is op de verpakking aangegeven met "Niet te gebruiken
na ...." of "Exp....".
Speciale voorzorgsmaatregelen bij opslag
De tabletten dienen bij kamertemperatuur op een droge plaats te worden bewaard.
Aard en inhoud van de verpakking
30 tabletten à 10 mg in doordrukstrips. 30 tabletten à 20 mg in
doordrukstrips.